Direct naar de inhoud

Onafhankelijke informatie over psychologie, relaties en persoonlijke ontwikkeling, met bronnen in de tekst.

Jungiaanse therapie onderzoekt terugkerende patronen en betekenis

Als terugkerende gevoelens of patronen je bezighouden, kan de Jungiaanse benadering je aanspreken. Je leest wat deze therapie inhoudt, hoe ze verschilt van andere behandelvormen en wat onderzoek wel en niet aantoont.

Door Marloes de Vries · · 5 min leestijd

Groene fauteuil met kussen naast houten bijzettafel en planten in zonnige kamer

Misschien merk je dat dezelfde spanningen terugkomen in relaties, werk of keuzes, ook als je de aanleiding niet meteen kunt benoemen. Jungiaanse therapie is gericht op het onderzoeken van zulke ervaringen en de betekenis die ze voor jou hebben. De therapeut kan daarbij aandacht besteden aan dromen, beelden en fantasieën, maar bepaalt niet vooraf wat die betekenen.

De naam verwijst naar psychiater Carl Gustav Jung en diens analytische psychologie. Dat gedachtegoed is iets anders dan bewijs dat een behandeling voor iedere klacht werkt. Daarom zijn naast de werkwijze ook de onderzoeksvragen, de opleiding van de behandelaar en jouw eigen doelen belangrijk.

Wat gebeurt er tijdens Jungiaanse therapie?

Jungiaanse therapie, ook analytische therapie genoemd, is een vorm van psychotherapie waarin je onderzoekt hoe ervaringen, gevoelens en persoonlijke betekenis met elkaar samenhangen. De therapeut luistert naar wat je vertelt en kan vragen naar terugkerende thema’s, dromen, fantasieën, herinneringen of beelden. Dat zijn mogelijke ingangen voor gesprek, geen aanwijzingen met één vaste uitleg.

In de analytische psychologie komen begrippen voor als het onbewuste, archetypen en individuatie. Het onbewuste verwijst hier naar mentale processen die niet direct in je aandacht zijn. Archetypen zijn in Jungs theorie terugkerende symbolische patronen; ze zijn niet hetzelfde als een bewezen diagnose of een testuitslag. Individuatie betekent binnen die theorie een proces van persoonlijke ontwikkeling en het leren kennen van verschillende kanten van jezelf.

De therapeut kan je uitnodigen om te onderzoeken welke betekenis jij aan een beeld of ervaring geeft. Een droom over verdwalen zegt bijvoorbeeld niet automatisch dat je een bepaald probleem hebt. De context, jouw associaties en wat er op dit moment in je leven speelt, zijn relevant. Je hoeft Jungiaanse begrippen niet vooraf te onderschrijven om vragen te stellen of te bespreken wat je wel en niet behulpzaam vindt.

Voor wie kan deze benadering passend voelen?

Deze werkwijze kan aansluiten als je niet alleen een praktisch probleem wilt aanpakken, maar ook terugkerende gevoelens, relaties of innerlijke conflicten wilt onderzoeken. Of een behandeling passend is, hangt af van je klachten, wensen en omstandigheden. Jungiaanse therapie is niet automatisch de beste keuze omdat je interesse hebt in dromen of symboliek.

Vergelijk de aanpak met andere vormen van psychotherapie: sommige richten zich sterker op het veranderen van gedachten en gedrag, terwijl andere meer aandacht geven aan gevoelens, relaties of eerdere ervaringen. Op de pagina over therapievormen vergelijken staat welke vragen je kunt gebruiken om een aanpak te kiezen. Als je liever gevoelens onderzoekt via maken en verbeelden, kan ook werken met beeld en materiaal een relevante, maar andere benadering zijn.

Vraag jezelf af wat je met gesprekken hoopt te onderzoeken. Wil je vooral inzicht krijgen in herhaalde patronen, of zoek je hulp bij een concreet probleem dat dagelijks functioneren belemmert? Bespreek ook of je een voorkeur hebt voor een duidelijke structuur, huiswerk of een kortere, doelgerichte behandeling. Een goede keuze vraagt geen vooraf vaststaand antwoord; de afweging kan samen met een bevoegde behandelaar worden gemaakt.

Wat zegt onderzoek over de werking?

Een belangrijk onderscheid is dat tussen het theoretische model, ervaringen van cliënten en klinisch bewijs voor een behandeling. Een studie kan bijvoorbeeld veranderingen tijdens of na behandeling beschrijven, maar daarmee staat niet automatisch vast dat de behandeling de oorzaak van die veranderingen is. Ook bewijst onderzoek naar psychodynamische therapie in het algemeen niet zonder meer de werkzaamheid van elke specifieke Jungiaanse werkwijze.

Een overzicht van empirisch onderzoek naar Jungiaanse psychotherapie van Christian Roesler verscheen in 2013. De auteur bespreekt onder meer onderzoeken die vanaf de jaren 1990 zijn uitgevoerd, voornamelijk in Duitsland en Zwitserland. In dit overzicht wordt een gemiddeld traject van 90 sessies genoemd en worden follow-upbevindingen tot zes jaar besproken. Dat zijn kenmerken van de beschreven onderzoeksliteratuur, geen voorspelling van de benodigde duur of het resultaat voor een individuele cliënt. De auteur merkt bovendien op dat er op dat moment geen gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken waren, een onderzoeksopzet die behandelingen onder gecontroleerde omstandigheden met elkaar vergelijkt. Lees de conclusies daarom als een overzicht van destijds beschikbaar bewijs, niet als een garantie; de review over Jungiaanse psychotherapie is hier expliciet over.

Richtlijnen voor een andere, afgebakende behandelvorm geven geen rechtstreeks antwoord op de effectiviteit van Jungiaanse therapie. Zo noemt NICE voor kortdurende psychodynamische psychotherapie bij depressie doorgaans 8 tot 16 regelmatige sessies en beschrijft het een aanpak met een empirisch gevalideerd protocol voor depressie. Dat is niet hetzelfde als Jungiaanse therapie en het getal is geen algemene norm voor jouw traject. De NICE-aanbevelingen voor depressie bij volwassenen maken daarmee vooral duidelijk dat je behandelvorm, klacht en onderzochte doelgroep uit elkaar moet houden.

Welke vragen helpen bij het kiezen?

Een eerste gesprek is een gelegenheid om te onderzoeken of de werkwijze en samenwerking bij je passen. Je hoeft niet meteen te besluiten dat je een volledig traject aangaat. Vraag concreet:

In Nederland kan de titel of benaming van een therapeut op zichzelf onvoldoende informatie geven over diens bevoegdheid voor geestelijke gezondheidszorg. Controleer daarom de opleiding, eventuele beroepsregistratie en de precieze zorg die wordt aangeboden. De Zorgstandaard Psychotherapie beschrijft psychotherapie als een proces waarin cliënt en behandelaar samen keuzes maken over probleem, aanpak en gewenste uitkomst. De standaard benadrukt ook dat bekwaamheid en bevoegdheid van de behandelaar ertoe doen.

Hoe houd je zicht op de voortgang?

Maak samen afspraken over wat je wilt onderzoeken en hoe je merkt of de gesprekken aansluiten. Dat hoeft geen belofte van genezing te zijn. Doelen kunnen bijvoorbeeld gaan over meer zicht krijgen op een terugkerend patroon, gevoelens beter kunnen verwoorden of anders reageren in een bepaalde situatie. Formuleer ze zo dat je er later samen op kunt terugkomen.

Bespreek tijdens evaluaties niet alleen of je klachten veranderen, maar ook of de aanpak en de samenwerking werkbaar zijn. De Nederlandse zorgstandaard vermeldt dat evaluaties periodiek kunnen gaan over voortgang, behandelrelatie, resultaten en doelen, en dat een behandelplan zo nodig wordt aangepast. Voor kortdurende behandelingen tot drie maanden beschrijft de standaard een meting aan het begin en bij afsluiting; bij langere trajecten wordt ook tussentijds gemeten. Dat algemene kwaliteitscriterium schrijft niet voor dat elke Jungiaanse therapeut dezelfde meetmethode gebruikt. De praktische afspraak moet passen bij de behandeling en jouw situatie.

Als je klachten ernstig zijn, snel toenemen of je dagelijks functioneren sterk beperken, bespreek dat met je huisarts of een andere bevoegde zorgverlener. Die kan met je beoordelen welke hulp passend is en of verdere diagnostiek of specialistische zorg nodig is. Een Jungiaanse invalshoek hoeft niet de enige vorm van ondersteuning te zijn; bespreek andere behandelopties als je doelen niet dichterbij komen of als de aanpak niet passend voelt.

Veelgestelde vragen

Is Jungiaanse therapie hetzelfde als psychoanalyse?

Nee. De benaderingen hebben historische en theoretische raakvlakken, maar Jungiaanse therapie is gebaseerd op de analytische psychologie van Carl Gustav Jung. Hoe een traject er concreet uitziet, hangt af van de therapeut en jouw hulpvraag. Vraag welke werkwijze iemand gebruikt en hoe die verschilt van bijvoorbeeld psychodynamische therapie.

Moet je dromen onthouden voor Jungiaanse therapie?

Nee. Dromen kunnen ter sprake komen als ze je bezighouden, maar je hoeft ze niet bij te houden of te onthouden. De therapeut kan ook werken met gevoelens, herinneringen, beelden en actuele situaties. Jij kunt aangeven welke onderwerpen prettig of juist te belastend zijn om te bespreken.

Hoe lang duurt Jungiaanse therapie?

Er is geen vaste duur die voor elke Jungiaanse behandeling geldt. De benodigde tijd hangt onder meer af van je hulpvraag, doelen en de afspraken met de therapeut. Onderzoek naar Jungiaanse therapie beschrijft trajecten met uiteenlopende vormen en een gerapporteerd gemiddelde, maar dat gemiddelde voorspelt niet hoe lang jouw behandeling zal duren.

Wordt Jungiaanse therapie vergoed?

Dat hangt af van de behandelaar, de aard van de zorg en de voorwaarden van je zorgverzekering. Vraag vooraf schriftelijk naar de kosten, eventuele vergoeding, verwijzingseisen en wat je zelf betaalt. Ga niet ervan uit dat een bepaalde therapeutische stroming op zichzelf aanspraak op vergoeding geeft.

In de rubriek Psychologie en therapie